De fiscale behandeling van onroerend goed in de personenbelasting

Écrit par

dans

De fiscaliteit van vastgoed in de Belgische personenbelasting steunt nog steeds hoofdzakelijk op het kadastraal inkomen (KI). Afhankelijk van het feitelijke gebruik van het onroerend goed gelden sterk uiteenlopende fiscale regimes.

1. De eigen gezinswoning: volledige vrijstelling in de federale belasting

Voor de woning die u zelf betrekt als hoofdverblijfplaats hoeft u in de personenbelasting geen onroerend inkomen aan te geven. De eigen woning is volledig vrijgesteld van federale personenbelasting. U betaalt uitsluitend de gewestelijke onroerende voorheffing.

2. Verhuur aan particulieren voor privédoeleinden

Wanneer u een appartement of woning verhuurt aan een natuurlijk persoon die het pand uitsluitend privé gebruikt, wordt u niet belast op de werkelijke huurinkomsten. De fiscus berekent de belasting op basis van het geïndexeerde kadastraal inkomen verhoogd met 40%. Dit gunstregime stimuleert investeringen in residentieel huurvastgoed.

3. Verhuur aan vennootschappen of zelfstandigen

Indien de huurder het pand (of een deel ervan) beroepsmatig aanwendt en de huur inbrengt als beroepskost, wordt de verhuurder wél belast op de werkelijke netto huurinkomsten (brutohuur minus een forfaitaire kostenaftrek van 40%). Dit resulteert in een aanzienlijk hogere belastingdruk.